Geloof en politiek
Viering: 21e zondag door het jaar
Lezingen:
- Jesaja 66, 18-21
- Lucas 13, 22-30
Geschreven door: Pater Paul Begheyn SJ
Vorige week verklaarde dominee Harry Pals uit Doetinchem, dat er vanaf de kansel veel steviger stelling genomen zou moeten worden tegen het gedoogakkoord van VVD, CDA en PVV. 'Is het wel de taak van de kerk om politiek te bedrijven vanaf de preekstoel?', werd hem gevraagd. 'Geloof en politiek zijn niet te scheiden', antwoordde hij. 'We hebben het in de kerk niet alleen over hemelgeloof. Ik zie in de Bijbel een oproep voor een open en saamhorige maatschappij.'
We verkeren in Nederland in de grootste politieke crisis sinds de Tweede Wereldoorlog. En het feit, dat we 65 jaar na de bevrijding steeds zorgvuldiger moeten kijken naar ons verleden, maakt, dat ik de oproep van college Pals onderschrijf. Onlangs is nog geconstateerd dat er een verband bestaat tussen de gruwelen van het fascisme en de haatcampagnes die eraan voorafgingen in de jaren dertig en veertig. Zodoende stelde men na het einde van die gruwelijke oorlog, dat de maatschappelijke norm is, dat er geen klimaat mag ontstaan, waar haat en geweld gewoon zijn in de democratie. Zeker als christenen dienen we ons op alle mogelijke manieren te verzetten tegen haat en geweld, en tegen hen die haat en geweld prediken. Dat hoort tot het wezen van ons geloof.
Tegelijkertijd moeten we helaas constateren, dat veel christenen het normaal blijken te vinden dat de vrijheid van meningsuiting niet gepaard hoeft te gaan met de plicht tot fatsoen tegenover je medemensen. Als Amsterdammers dienen we de wapenspreuk van onze stad in de praktijk te brengen. We moeten heldhaftig, vastberaden en barmhartig te zijn. Maar aan die drie kwaliteiten kunnen we er nog drie andere toevoegen: verantwoordelijkheid, geduld, en oprechtheid. We mogen onszelf niet toestaan ons ongenoegen over wat of wie dan ook te koppelen aan één bepaalde groep medeburgers. Het is niet aan ons om zondebokken aan te wijzen en die vervolgens de woestijn in te sturen. Sinds de komst van Jezus is dat gebruik ongewenst en overbodig geworden.
Als christenen dienen wij afstand te nemen van 'elke aanslag op de grondslagen van onze liberale rechtsstaat', stelde het onlangs opgerichte Comité voor de Rechtsstaat. Als christenen dienen we te voorkomen dat de vrijheid van godsdienst aan banden wordt gelegd. Als christenen mogen we niet gerieflijk achterover leunen, terwijl mensen uit luiheid en uit gebrek aan verantwoordelijkheidszin kiezen voor een kabinet, dat oorzaak is van een tweedeling in onze samenleving: in eerste en tweederangs burgers. Elke partij die dat mede mogelijk maakt, dient zich in geweten af te vragen of hij wel trouw is aan zijn oorspronkelijke christelijke of liberale idealen.
Onverdraagzaamheid bestond ook in de dagen van Jezus, tussen het 'eigen volk'en de anderen. Juist die anderen werden door Jezus gekozen als voorbeeld van solidaire mensen, van mensen die meetelden: de Samaritaan die barmhartigheid bewees aan het slachtoffer van een overval; de Samaritaan die, als enige van de tien die Jezus had genezen, terugkwam om te bedanken; de tollenaar Mattheüs die door Jezus werd gekozen als apostel, en nog vele anderen. In het evangelie van vandaag zegt Jezus het onverbloemd: 'Gaat weg van mij, gij allen die ongerechtigheid bedrijft.' En in de beide lezingen van deze zondag wordt zonneklaar aangegeven, dat iedereen, ongeacht zijn of haar herkomst, wordt uitgenodigd aan de maaltijd van het hemelse koninkrijk: 'Ik ga alle volkeren en talen bijeenroepen.' 'Zij zullen komen uit het oosten en het westen, uit het noorden en het zuiden, en zij zullen aanzitten in het koninkrijk Gods.' Ter afsluiting lees ik een gedicht, getiteld Briefkaart aan jonge mensen, van de hand van Walter Bauer, wiens poëzie in Hitler-Duitsland in de ban werd gedaan,. Het kan ons, ook al zijn we niet allemaal jonge mensen, helpen om gewetensvolle keuzes te maken.
Zwicht niet zoals wij gedaan hebben,
ga niet in op de verleidingen, denk na, weiger,
weiger, wijs af.
Denk na voordat je ja zegt,
geloof niet meteen, geloof ook hen niet voor wie het duidelijk is;
geloven sust in slaap, en je moet wakker zijn.
Begin met een schone lei, schrijf zelf de eerste woorden,
laat je niets voorschrijven.
Luister goed, luister lang, aandachtig,
geloof het verstand niet waaraan wij ons onderwierpen.
Begin met het zwijgende verzet van het nadenken, onderzoek
en verwerp.
Vorm langzaam het ja van je leven.
Leef niet zoals wij.
Leef zonder vrees.
|
|