Krachtmeting
Viering: DE VIERDE ZONDAG DOOR HET JAAR
Lezing:
Geschreven door: Pater Paul Begheyn SJ
Het evangelie van vandaag is een emotioneel verhaal waar de vonken vanaf spatten. Het is een krachtmeting tussen Jezus en de onreine geesten of demonen. De tekst is geknipt uit het evangelie volgens Marcus, en zoals vaak gebeurd missen we daardoor het verband waarin dit fragment thuishoort. Om te beginnen is het goed te weten, dat we binnengevoerd worden in het vroegste gedeelte van het evangelie van Marcus, die niet zoals de andere evangelisten begint met een bericht over de geboorte van Jezus, maar die ons in de woestijn plaatst. Dat is een leerzame ervaring voor ons, als we ons verloren en eenzaam voelen. Hoe kunnen we in Gods naam een oase vinden, waar we op krachten kunnen komen? Gelukkig blijkt er een inspirerende profeet rond te lopen, Johannes, die doopt met water. Hij wijst ons op iemand die komt dopen met heilige Geest, en die God tegen zich hoort zeggen: &Jij bent mijn eigen lieve zoon.& Desondanks wordt deze Jezus in diezelfde woestijn op de proef gesteld door Satan.
Dit is het kader waarin het vroege leven van Jezus zich afspeelt: enerzijds woestijn en Satan, en anderzijds een liefhebbende God die hem nabij is. Ons leven is niet veel anders. Wij kunnen een voorbeeld nemen aan de manier waarop Jezus zijn leven leidt. Dat blijkt uit de aansluitende passage, waarin Jezus zijn leerlingen roept, Simon en Andreas, Jakobus en Joannes: &Hé, kom, achter me aan.& En meteen erna volgt het evangeliefragment van vandaag.
Jezus sluit aan bij de geloofstraditie van zijn volk. Daarom ging hij op de sabbat naar de synagoge. Maar tegelijkertijd nam hij een radicaal andere positie in. &Hij leerde als een die zelf gezag heeft, heel anders dan de gewone schriftgeleerden&, constateert Marcus haarscherp. We hebben eigenlijk amper een idee van de explosieve vernieuwing die Jezus is komen brengen. Hij stond in vele opzichten haaks op de verkondiging van de leraren, die tot dan toe aan het woord waren geweest, en niet veel verder kwamen dan het klakkeloos herhalen van oude regels en wetten, waardoor mensen worden klemgereden. Misschien wel de grootste ingreep die Jezus deed was, dat hij consequent koos voor de mens boven welke heilige wet dan ook. Zeker haalde hij de sprekers onderuit, die zo gemakkelijk beweerden dat ze in naam van God spraken, die bepaalden wie wel en wie niet meetelden - of dat nu vrouwen waren, vreemdelingen of mensen aan de rand van de maatschappij. Het werd hem in de loop van zijn leven steeds minder in dank afgenomen.
Dit laat Marcus zonneklaar zien, door te schrijven dat er in de synagoge een man was in de macht van een onreine geest. De synagoge - de plek waar Gods woord woonde en werd uitgelegd - blijkt zelf het onderkomen van een demon, een boze geest, die bezetenheid en ziekte veroorzaakt, die mensen verleidt en naar de ondergang voert. Dat iets een heilige plaats wordt genoemd, wil dus niet zeggen dat alles er voorbeeldig is. We moeten juist goed kijken en luisteren of heilige woorden en daden inderdaad overeenstemmen met wat God voor ons wil. Een onreine geest moeten we trachten te ontmaskeren. We moeten hem het zwijgen opleggen, zodat hij ons niet langer kan bang maken. Ignatius van Loyola, de stichter van de jezuïetenorde, daagt ons uit om de geesten te onderscheiden, de goede en de boze. Uit eigen ervaring had hij ontdekt, hoe hij zich meer dan eens had laten bedriegen en bedreigen door een onreine of boze geest. De tegenhanger daarvan is geheel anders: 'Het is eigen aan de goede geest', noteerde Ignatius voor zichzelf, om moed, kracht, vertroostingen, tranen, ingevingen en rust te geven, en aldus alles te vergemakkelijken en alle hindernissen weg te nemen opdat men verder kan gaan met het goede te doen.' [GO 315].
Er spoken veel onreine geesten rond in onze wereld, in onszelf, in onze maatschappij en politiek, in onze kerken. Zulke onreine geesten moeten wij net zoals Jezus toesnauwen: 'Hou je mond en kom eruit, uit die man, uit die politieke partij, uit die relatie, uit die kerkelijke leiders.' Zo komen we met Jezus vanuit de synagoge terecht in de realiteit van alledag, waar - zoals blijkt uit de tekst die aansluit op het evangelie van vandaag - de schoonmoeder van Petrus met koorts in bed ligt. 'Jezus pakte haar bij de hand en deed haar opstaan. En de koorts was weg. En ze zorgde voor hen', schrijft Marcus. Een ander aanraken en helpen opstaan uit ziekte en de dodelijke greep van onvrijheid en slavernij, zodat deze, eenmaal genezen, en kan zorgen voor een ander.
De onreine geest kunnen we aan het werk zien in onze instortende economie, die ogenschijnlijk niet zichtbaar is. Maar het gekapseisde cruiseschip Costa Concordia is maar al te goed zichtbaar, als een kadaver van hedendaagse overmoed. Tegenover zulke ondeugden lijkt geen kruid gewassen, tenzij we er iets tegenover stellen. Toen dat schip kapseisde schoten midden in de nacht de bewoners van het eiland Giglio te hulp. De pastoor opende zijn kerk, en deelde samen met zijn parochianen brood en koffie, dekens en lakens, en zelfs altaarkleden en kerkelijke gewaden uit om de klappertandende opvarenden warmte te geven. Zo werd geloof concreet. Waar de demon verdelgd wordt, wordt de mens gered. Waar de demonen verdreven worden, begint het Rijk van God. Amen.
|
|